Klazien en George van Laere: positief over de Maria Christina Kerk

Lettergrootte aanpassen:

Gemeenteleden komen en gaan. Uit de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) verdwijnen jaarlijks mensen die zich er niet meer thuis voelen. Maar er zijn er ook die zich op grond van positieve ervaringen opnieuw laten inschrijven, zoals Klazien en George van Laere.


Met veel plezier wonen George van Laere (1945) en Klazien van Laere-Kok (1946) in de nieuwe wijk Duivenhorst, vlakbij het station Den Dolder. “Als ik een trein zie, word ik blij,” lacht Klazien. “Ik heb zestien jaar bij het Spoor gewerkt,” zoals de Nederlandse Spoorwegen in de volksmond worden genoemd. “Ook mijn vader werkte bij het Spoor.” Klazien heeft ook bij een boekbinder gewerkt.

Ze heeft zich als nieuw lid aangesloten bij de contactgroep van de Maria Christina Kerk. Tot haar taak behoort het bezoeken van gemeenteleden in de wijk van Elly Egberts. Daarnaast is ze bereid hand- en spandiensten te verrichten. Maar zij is zich vooral aan het oriënteren welke activiteiten er zoal in Den Dolder zijn. “Er is veel werk te doen en ik wil mijn steentje bijdragen. Ik ben van plan een bijeenkomst van de PCOB (Protestants Christelijke Ouderen Bond) te bezoeken: kijken en luisteren.” Voorwaarde is wel dat zij zich niet teveel wil binden. De reden is, dat zij ook beschikbaar wil zijn voor en wil genieten van haar kinderen – twee dochters en een zoon – en haar kleinkinderen De gezinnen wonen in Harderwijk, Nieuwegein en De Meern.
Klaziens kennismaking met de kerk is positief verlopen. “Het voelt als een warm bad.” Vandaar dat Klazien en haar man zich hebben laten inschrijven bij de kerk. “Wij hadden ons in Voorthuizen laten uitschrijven, omdat wij ons er niet meer thuis voelden. Daarvoor woonden wij 25 jaar in Nieuwegein, waar in kerkelijk opzicht een opener sfeer heerste.”

 

Leren
Klazien is enthousiast over de goed bezochte maandelijkse leerhuizen onder leiding van de predikant Adriaan Plantinga. Nog onlangs stelde iemand hem verwonderd de vraag: ‘Kan dat nog in deze tijd: een leerhuis over Bijbel en Geloof?’ “Jazeker!, beaamt Klazien. De leerhuizen over Martin Luther zijn bijvoorbeeld informatief en verhelderend gebleken. Maar ook over andere thema’s wordt respectvol en op elkaar betrokken nagedacht en gepraat.” Het zijn oefeningen in aandacht, waarbij het evangelie centraal staat. Maar de predikant doet ook een boekje open over de actuele literatuur. Zo maakt hij de vertaalslag uit de cultuur van Jezus Christus naar onze tijd.
In dat licht gezien staan Klazien en George open voor vernieuwingen en vinden zij het kerk-zijn in deze tijd belangrijk. Hoe beleef je het geloof? “Ieder mens heeft een eigen verantwoordelijkheid naar God. Normen en waarden zijn voor ons erg belangrijk.” George is nu nog passief betrokken bij de kerk. “Als we echt gesetteld zijn, kan ik gaan kijken welke bijdrage ik eventueel kan leveren.”

Zingen
Behalve godshuis is de kerk ook altijd een vitale schakel van de lokale gemeenschap geweest, een plek van ontmoeting. Omdat Klazien graag zingt – en de Maria Christina Kerk niet over een eigen koor beschikt - heeft zij zich aangesloten bij de cantorij van de Centrumkerk in Bilthoven. De cantorij staat onder leiding van Celine Loef. “In Voorthuizen was ik ook al lid van een koor.”
In de middeleeuwen werd het zingen een ‘klankoffer’ genoemd. Luther heeft de gemeentezang een belangrijke plaats in de liturgie gegeven. Hij schreef eens: ‘Böse Menschen haben keine Lieder’. We kwamen ook te spreken over de beroemde kerkvader Augustinus (354-430). ‘Zingen is dubbel bidden’ is een uitspraak van hem. Klazien en George vinden zingen van grote waarde en een prachtige taak voor de gemeente. “Zingen, ook daarom gaan wij naar de kerk!”